Het verhaal van God en de vingerhoed

Het verhaal van God en de vingerhoed

Dit weekend vertelde een oude wijze priester en filosoof me een mooi verhaal. Het ging ongeveer zo.

Lang geleden, het was de tijd waarin men nog zelf kleren maakte, zaten een stel kinderen bij moeder aan tafel. Moeder was druk bezig kleding te verstellen toen de kinderen vroegen: ‘Bestaat God echt?’ ‘Natuurlijk’, antwoordde de moeder, ‘God bestaat echt.’ ‘Maar als God echt bestaat, hoe kan het dan dat we hem niet kunnen zien?’, vroegen de kinderen aan de moeder. ‘Je kan God wel zien. God is immers overal’, zei de moeder. Waarop de kinderen vroegen: ‘Echt overal?’ ‘Ja, natuurlijk. Hij is immers God’, zei de moeder.

Hier moesten de kinderen even over nadenken. Tenslotte vroegen ze: ‘Als God overal kan zijn, kan God dan ook deze vingerhoed zijn?’ Ze keken gespannen naar de vingerhoed op de vinger van de moeder. Even bleef het stil. ‘Ja, God kan ook deze vingerhoed zijn’, besloot de moeder. Dat vonden de kinderen wel een prachtig idee. Ze besloten de vingerhoed van de moeder ieder telkens een week bij zich te houden. En zo ging het. Allemaal hielden ze een week lang de vingerhoed bij zich en pasten er goed op dat de vingerhoed niet kwijt zou raken.

Op een dag liep een van de kinderen door een mooi grasveld vol zomer bloemen. Vrolijk gezind maakte het meisje spontaan een koprol. Toen bedacht ze zich dat ze de vingerhoed in haar broekzak had gestopt. Haastig zocht ze naar het kleine ding. Maar die was nergens meer te bekennen. Driftig zocht ze alle grassprieten af naar de vingerhoed.

Het meisje was al uren aan het zoeken toen er een voorbijganger langs kwam. De man stopte en vroeg het meisje: ‘Zoek je soms iets?’ ‘Ja’, zei het meisje. ‘Ik zoek God’. ‘In dat geval’, zei de man, ‘ga vooral door met zoeken! Om je alvast een hart onder de riem te steken zal ik je deze vingerhoed geven die ik net hier in het gras vond.’